Kapvergunning geweigerd voor eik aan Kerkhoflaan 10, Zelhem

Motivering
Op 16-05-2021 is een aanvraag ingediend voor het vellen van een eik. Op het
aanvraagformulier is aangegeven dat de aanvraag is ingediend met als reden de overlast
van de boom.
Bij de beoordeling van de aanvraag heeft de gemeente beoordeeld:
De houtopstand is aangewezen als een basisboom. Houtopstanden zijn belangrijke
dragers van het landschap. Basisbomen zijn een belangrijk deel van de groene beleving
en de natuurwaarde van de omgeving.
Eikenprocessierups: De overlast van de eikenprocessierups is in de afgelopen jaren
toegenomen. Overlast van de eikenprocessierups wordt geschaard onder overlast die
logischerwijs het gevolg is van de aanwezigheid van bomen en doorgaans
seizoensgebonden is. Het kappen van (alle) eiken is, niet de oplossing voor dit probleem.
Het is echter mogelijk om de overlast te bestrijden. Omdat het nog een relatief nieuw
fenomeen is, is de verwachting dat er op de lange termijn meer oplossingen zijn om
overlast tegen te gaan. Hier wordt landelijk op ingezet o.a. door het Kennisplatform
Eikenprocessierups dat is opgericht in opdracht van het ministerie van Landbouw, Natuur
en Voedselkwaliteit (LNV).
Een medewerker van de cluster buiten heeft op locatie de boom beoordeeld op zijn
gezondheid en standplaats en is tot de volgende conclusie gekomen:
De gezondheidstoestand is voor zover te beoordelen goed. De gehele stam is tot bovenin
volledig begroeid met klimop daardoor is het moeilijk om de stam van de boom op
eventuele gebreken te controleren. Gezien de groeischeuten en bladbezetting is de
conditie en vitaliteit van de boom goed.
Op basis van de gezondheid, conditie, vitaliteit en de toekomstverwachting van de
houtopstand(en) wordt geadviseerd de gevraagde vergunning te weigeren.
Voor basisbomen geldt dat zij eenvoudiger inwisselbaar zijn voor andere houtopstanden.
Hoewel de eikenprocessierups voor overlast kan zorgen, is de mate van maatschappelijk
of zwaarwegend individueel belang, gelet op de mogelijke bestrijding, niet dusdanig dat dit
belang zwaarder weegt dan het behoud van de boom. Gezien de mate van overlast en het
belang van de houtopstand wordt de vergunning geweigerd.
De gevraagde houtopstand mag niet worden geveld na afloop van de bezwaartermijn. Als
een verzoek om voorlopige voorziening wordt ingediend mag de houtopstand pas worden
geveld op het moment dat op het verzoek om voorlopige voorziening is beslist.
De omgevingsvergunning vervalt voor deze activiteit, indien daar niet binnen één jaar na
het onherroepelijk worden gebruik van is gemaakt (Omgevings- en Bouwverordening
2017, art. 5.4 lid 5)