Maandelijks archief: april 2020

Platanen bij ALDI in Vorden

Conform het advies van Vereniging Bomenbelang Bronckhorst zijn op het parkeerterrein van de vernieuwde ALDI aan De Bleek in Vorden vier platanen geplant en bij de ingang een liquidambar. Dat gebeurde in overleg met Vitale Kern Vorden.

De gewone plataan is een erg sterke boom die vroeger ook langs de gehele Zutphenseweg in Vorden stond. De boom kan uitgroeien tot een fors exemplaar met een flinke kroon en veel schaduw, wat zeker in de zomer gunstig is voor een parkeerterrein. De plataan kan goed tegen droogte en warmte. De boom heeft ook geen last van welke plaag dan ook. De gewone plataan is bovendien een statige boom, wat past bij dit deel van Vorden, gelegen tegenover kasteel Vorden.

Voor een goede groeiplek is het wel van belang dat voldoende ruimte om de stam onbestraat blijft. En dat is op dit moment (nog) niet het geval.

Bij de ingang van de supermarkt staat de liquidambar styraciflua. Deze kleurt in de herfst mooi dieprood. Ook deze boom levert veel schaduw en ondervindt geen last van ziektes.

De voorgestelde en gekozen stammaat van 16 tot 18 cm geeft vanaf het begin al wat stevigere bomen op het terrein.

Op het oorspronkelijke iets grotere parkeerterrein ontbraken bomen of ander groen.

COOP

Bij een andere nieuwe supermarkt, de COOP, aan de Zutphenseweg in Vorden moet dit jaar nog een flinke boom (stammaat 20 tot 25 cm) geplant worden aan de straatzijde. Dat was de voorwaarde die de gemeente stelde voor het afgeven van een kapvergunning voor vier bomen achter het voormalige pand van de RABO: 3 haagbeuken en een esdoorn. Deze zijn afgelopen januari gekapt om de aanleg van enkele parkeerplaatsen mogelijk te maken.

Nu noodkap beuk aan Wildenborchseweg in Vorden

Op 3 april ontving de gemeente een aanvraag voor een kapvergunning voor een beuk op het adres Wildenborchseweg 24 in Vorden. Op 24 februari was al een kapvergunning door de gemeente afgegeven voor een eik bij de inrit van dit pand.

De eik markeerde met een andere eik de ingang van het huis. De eigenaar vond die te smal worden door de bomen en wilde geen boom herplanten ter compensatie. Volgens de gemeente was de eik rechts voor de inrit minder snel gegroeid dan de bomen die er naast staan. Hierdoor is de eik scheef naar het licht toe gegroeid. Daardoor vormde de boom een smalle éénzijdige kroon waarbij steeds meer gewicht aan één zijde komt te hangen. Hierdoor ontstaat een verhoogde kans op windworp. Wanneer de eik omvalt, zal hij op de openbare weg vallen.

De gemeente koppelde aan deze kapvergunning de voorwaarde dat de eigenaar een nieuwe (loof)boom plant. Dit besluit is openbaar gemaakt op 28 februari.

De nieuwe aanvraag betreft dus een beuk. Deze grote boom blijkt zwaar aangetast te zijn door bruinrot, een schimmel die het wortelstelsel aantast, aldus een boomverzorger). De kans bestaat dat de beuk bij harde wind op het huis of de openbare weg kan vallen.

Nu wil de eigenaar wel een nieuwe beuk planten.

Deze kapaanvraag is openbaar gemaakt op 10 april.

Drie dagen eerder, op 7 april, neemt de gemeente al de beslissing dat voor de beuk een noodkapvergunning afgegeven moet worden. De beuk is aangetast door de korsthoutskoolzwam. De vruchtlichamen van deze zwam komen rondom de gehele stamvoet naar buiten. De korsthoutskoolzwam is een zeer agressieve parasitair schimmel die het kernhout en het hoofdwortelgestel aantast.
Volgens de gemeente is het zeer aannemelijk dat het kernhout en het hoofdwortelgestel al zwaar aangetast zijn. Hierdoor is de beuk zeer gevoelig voor windworp en/of stambreuk. Als dat gebeurt, kan de boom op de Wildenborchseweg vallen.

Aan de kapvergunning, die op 11 april gepubliceerd is, zit de voorwaarde vast dat de eigenaar binnen een jaar een nieuwe beuk plant op zijn perceel.

Weer kastanje weg aan Beekstraat in Toldijk

Op 2 april ontving de gemeente een aanvraag voor een kapvergunning voor een kastanjeboom aan de Beekstraat 16 in Toldijk. De boom ondervindt last van de bloederziekte. De eigenaar wil graag dat de kastanjeboom binnen drie maanden gekapt wordt, omdat men bang is dat grote takken gaan afbreken. De boom staat aan de weg. De takken hangen tot boven het huis en een zandbak.

Het perceel behoort tot de woonboerderij De Til (huisnr. 12 t/m 16). Afgelopen maand werd ook een kapvergunning aangevraagd voor 5 ‘bomen’ op nummer 12 in verband met de bouw van een woning. En twee jaar geleden is op dat huisperceel ook een kastanjeboom gekapt. Deze moest vervangen worden door een inlandse boom.

Over herplant rept de eigenaar nu niet.

Deze nieuwe kapaanvraag is openbaar gemaakt op 10 april.

Drie dagen eerder al, op 7 april, heeft de gemeente de kapvergunning verleend.

Uit een boomveiligheidscontrole  door een extern bureau zou blijken dat de kastanjeboom een risico vormt voor zijn omgeving door het uitbreken van takken. De boom is aangetast door de bloedingsziekte en de tonderzwam.

Aan de kapvergunning, die op 11 april gepubliceerd is, zit de voorwaarde vast dat de eigenaar binnen een jaar een nieuwe loofboom plant.

Kapvergunning voor beeldbepalende eik aan Ruurloseweg in Vorden

Op 10 april meldt de gemeente dat ze op 6 april een kapvergunning verleend heeft voor een eik aan de Ruurloseweg 8 in Vorden (bij de meubelzaak). De aanvraag van 20 maart is niet gepubliceerd!

Uit de nu gepubliceerde aanvraag blijkt helemaal niets. Alleen het adres wordt genoemd en de boomsoort. De reden voor eventuele kap ontbreekt.

Uit het kapbesluit blijkt dat de eik beeldbepalende waarde heeft. De kroon van de eik bestaat uit meerdere gesteltakken. Bij één daarvan, die het midden van de kroon vormt, zit een al deels ingescheurde plakoksel. Deze zal moeten worden verwijderd, aldus de gemeente.

Wanneer die tak is verwijderd, ontstaat een behoorlijk gat in de kroon.

Er zitten meerdere grote gesteltakken via een plakoksel aan de stam. De kans bestaat dat de plakoksel uitscheurt bij storm. Aangezien de eik naast een bedrijfsgebouw staat, levert hij dan een potentieel gevaar op.

Hoewel de boom een grote beeldbepalende waarde heeft, is het veiligheidsbelang hier groter, aldus de gemeente.

De eigenaar van de boom heeft blijkbaar aangegeven dat er sprake is van overlast. Welke is niet duidelijk. De gemeente laat in haar besluit weten dat dit nu niet meer van belang is. De vergunning wordt verleend op basis van de gezondheid van de eik; daarom wordt de vergunning voor het kappen ervan verleend.

De eigenaar moet wel binnen een jaar een nieuwe loofboom planten.

Geen kapvergunning nodig voor ginkgo aan Hoetinkhof in Vorden

Op 28 maart ontving de gemeente een aanvraag voor een kapvergunning voor een ‘boom’ op het adres Hoetinkhof 117 in Vorden. Het blijkt om een Ginkgo biloba te gaan.

De ginkgo kent een mannelijke en een vrouwelijke variant. De eerste stinkt niet, de tweede wel.

De bewoners hebben hinder van de geur van de besjes op hun oprit in het najaar. Die stinken naar poep. Zij hebben dus de vrouwelijke variant. Ze willen de boom om die reden kappen. De boom zelf is nog helemaal gezond.

Ze willen wel een nieuwe boom planten maar dan iets verder van het huis. De huidige ruime parkeerhaven naast het huis gaat namelijk verdwijnen. Daarvoor in de plaats komt groen. De bewoners krijgen hier een deel van. Op die plek is straks meer ruimte voor een boom.

Deze kapaanvraag is openbaar gemaakt op 3 april.

Op 10 april meldt de gemeente dat in Bronckhorst voor een ginkgo geen kapvergunning nodig is. Deze boomsoort komt niet voor in de lijst met kapvergunningplichtige bomen.

 

Lente: inheemse prunussoorten

Vanaf het vroege voorjaar tot en met april bloeien drie inheemse prunussoorten. De eerste  is de sleedoorn (prunus spinosa). Daarna komt de wilde zoete kers (prunus avium). En de laatste die in bloei komt, is de Europese vogelkers (prunus padus). Deze drie rekenen we tot de ongeveer 40 wilde boomsoorten die vanaf het begin van de jaartelling tot nu toe nog steeds in Nederland en directe omgeving voorkomen.

Sleedoorn in een bosrand op landgoed Hackfort in Vorden (foto: Dick van Hoffen).

De sleedoorn is zelfs aangetroffen bij de man die in 1991 in het ijs gevonden werd op de grens van Oostenrijk en Italië, bekend als Ötzi. De ouderdom kon worden geschat op ongeveer 5200 jaar! Hij had 14 houtsoorten bij zich, waaronder vruchten van de sleedoorn.

De diepblauwe pruimen van de sleedoorn zien er zeer verleidelijk uit, maar stop ze niet in je mond. De vrucht heeft een zure en wrange smaak. Vandaar waarschijnlijk de Nederlandse volksnamen voor de sleedoorn: bekkentrekkers en trekkebek.

Zeer vroeg in het voorjaar, als de winter nog niet echt is weggetrokken, zie je de witte bloesem van de sleedoorn als witte wolken in de bosranden en langs houtwallen. Het duurt tot de late herfst voordat de kleine pruimen met hun grote pitten rijp zijn en blauwzwart verkleuren.

De sleedoorn, maar ook de wilde zoete kers en de Europese vogelkers, zijn familie van de roosachtigen. Ze hebben allemaal steenvruchten, net zoals de pruim, de perzik, de amandel en de abrikoos. De roosachtigen tellen tussen de 3000 en 4000 soorten en 120 geslachten.

Vergelijken we de sleedoorn met zijn familiegenoot de kers, dan valt op hoe traag zijn ontwikkeling is van bloei tot rijpheid. De kers bloeit later; soms kunnen de kersen al in mei geplukt worden, terwijl de sleedoorn dus pas laat in het najaar rijp is.

Omdat de sleedoorn in Europa zo overvloedig voorkomt, is het geen wonder dat al vroeg pogingen zijn ondernomen om ze te veredelen. Met name de Kelten selecteerden de sterkste en mooiste struiken. Uit archeologische vondsten bleek dat de pitten van de pruimen steeds groter worden en dat de Kelten dus succes hadden met hun veredelingswerk.

Zo zijn de huidige pruimenbomen afstammelingen van de oorspronkelijke wilde sleedoorns.

In Nederland komt de sleedoorn vrij algemeen voor in bosranden op de wat betere gronden. De overgang van open plekken naar bossen noemen we mantelbegroeiingen of –zomen. Bijvoorbeeld in de Twentse houtwalbeken komen deze begroeiingen voor. Deze beken kenmerken een oud cultuurlandschap waar de mens aan beide zijden van de waterloop een wal opwierp om zo de beek in toom te houden. Liggen deze wallen buiten het bos, dan zijn ze begroeid met zeer dicht en doornig struweel, dat vooral bestaat uit sleedoorn en bramen. Deze struwelen kunnen uitgroeien tot opgaande bosjes met soms wel 20 soorten houtige gewassen.

Van de sleedoornpruimpjes worden veel producten gemaakt, onder andere in de Voerstreek (een sleedoornjenever) en de bekende Slivovitsj uit midden-Europa en de Balkan. Aftreksels van de bladeren worden verwerkt tot thee die goed is voor de nieren, aftreksels van de wortels als laxeermiddel en aftreksels van de bloemen voor schoonheidsmiddelen. De vruchten zijn tenslotte ook te gebruiken als aansterkend middel, voor het zuiveren van de huid en voor afdrijving van urine.

Wilde zoete kers

Zijn de sleedoorns en de Europese vogelkers meer struikvormers, de wilde zoete kers is een echte boom die zelfs in Nederland een hoogte van ruim 35 meter kan bereiken. De dikste heeft een omtrek van bijna 4 meter op 1.30 meter hoogte. De oudste wilde zoete kers in Nederland telt 120 jaar.

De wilde zoete kers (foto: Joost Bakker).

De zoete kers komt in heel Europa voor, in Nederland voornamelijk op de leemhoudende gronden in het zuiden en oosten. Hier zaait hij zich ook via de vogels op natuurlijke wijze uit. Kijk maar eens goed langs de wandelpaden op bijvoorbeeld landgoed Hackfort bij Vorden, waar veel zaailingen staan, nu goed te herkennen aan de bloei.

Het hout van de wilde kers is zeer geschikt als meubelhout, voor muziekinstrumenten en beeldhouwwerken en zeer geliefd door de mooie warme glans.

De vruchten worden onder andere gebruikt in vlaaien en voor het maken van de beroemde kirsch uit Zwitserland, de Vogezen en het Zwarte Woud.

De zoete kers wordt ten slotte op boomkwekerijen veel gebruikt als onderstam voor het enten van veredelde pruimen en kersen.

Joost Bakker

Kapvergunning voor twee lindes in park De Decanije in Vorden

Op 20 maart ontving de gemeente een aanvraag voor een kapvergunning voor twee lindes: een zilverlinde en een grootbladige of zomerlinde in park De Decanije in Vorden. Beide bomen staan naast een parkvilla en zijn zwaar aangetast.

In het park zijn de afgelopen maand in totaal 23 nieuwe bomen aangeplant om lege plaatsen op te vullen. Het betreft tien Douglassparren, vijf esdoorns, twee Tsuga (hemlockspar), een linde, een haagbeuk, twee Oostenrijkse dennen, een moeraseik en een honingboom.

De kapaanvraag is openbaar gemaakt op 27 maart.

Op 30 maart besluit de gemeente de kapvergunning te verlenen. Bij het vrijgraven van de stamvoet van de zilverlinde bleek dat deze aan de westzijde over een omtrek van tenminste 180 graden omvangrijke houtrot vertoont. Ook aan de NO-zijde geven de afgeplatte houtdelen en holle klank een achterliggend defect c.q. houtrotaantasting aan. Het risico op lage stambreuk en/of windworp is groot.
De holten in de hoofdstam en gesteltak zijn op hoogte niet nader beoordeeld, daar het
toekomstperspectief van de boom slecht is. Ook het kandelaberen c.q. sterk innemen van de kroon leidt niet tot het duurzaam behoud van de boom, omdat de houtrotaantasting in wortelaanzetten en stamvoet onomkeerbaar is.

De vitaliteit van de grootbladige linde boom is ook nog maar gering. Bij het vrijgraven van de stamvoet ontdekte men een flinke holte (witrot), veroorzaakt door de dikrandtonderzwam, waarvan ontwikkelende schimmelplaques te zien zijn. De afstervende takken en twijgen in de kroon duiden op een vorderende aantasting. Het risico op lage stambreuk en/of windworp is verhoogd. Ook hier leidt het kandelaberen c.q. sterk innemen van de kroon niet meer tot duurzaam behoud van de boom.

Door het verwijderen van de boom zal de linde ernaast meer kans tot ontwikkeling krijgen.

Hoewel de parkcommissie dus al 23 nieuwe bomen geplant heeft, wil de gemeente de kapvergunning alleen afgeven als binnen een jaar twee nieuwe lindes geplant worden.

Dit besluit is openbaar gemaakt op 3 april.

Eik aan Enzerinckweg in Vorden moet blijven staan

Op 5 maart ontving de gemeente een aanvraag voor een kapvergunning voor een eik aan de Enzerinckweg 12 in Vorden. De eigenaar die ter plekke een chalet bezit, zegt al drie jaar last te hebben van de eikenprocessierups.

De gemeente verleent geen kapvergunningen vanwege overlast door bijvoorbeeld de eikenprocessierups, omdat hiertegen wat te doen valt.

Over compensatie rept de indiener van de kapaanvraag niet.

De kapaanvraag is openbaar gemaakt op 10 maart.

Op 25 maart besluit de gemeente geen kapvergunning voor de eik af te geven. De boom vormt volgens de gemeente geen risico voor zijn omgeving. De zomereik is gezond, vitaal en heeft geen gebreken die de levensduur kunnen verkorten. Onder aan de stamvoet zit een kleine oude beschadiging die het kernhout bloot legt. De boom herstelt echter weer; de beschadiging is aan het overgroeien en zal op den duur verdwijnen, waardoor de stam weer beschermd is. De aanwezigheid van de eikenprocessierups is te bestrijden en daarom geen reden tot het kappen van de boom.

De zomereik heeft sowieso een meer dan gemiddelde waarde, aldus de gemeente, waardoor kap niet aan de orde is.

Dit besluit is gepubliceerd op 1 april.

 

Kapvergunning voor robinia achter school aan Nieuwstad in Vorden

Op 5 maart ontving de gemeente een aanvraag voor een kapvergunning voor een robinia (pseudoacacia) aan de Nieuwstad 49 in Vorden. De boom staat in de tuin van de middelbare school het Kompaan college, vlakbij de erfgrens met de buurman. Deze wil zijn tuin opnieuw gaan inrichten. En de robinia zou daar niet in passen. De stamomtrek van de boom bedraagt zo’n twee meter.

Het schoolbestuur wil eventueel aan de voorzijde een nieuwe boom planten, ter compensatie.

De kapaanvraag is openbaar gemaakt op 12 maart.

Op 25 maart besluit de gemeente de kapvergunning te verstrekken. De robinia is vitaal en gezond, maar scheef gegroeid en heeft een eenzijdige kroon. De boom vormt een risico door het mogelijk uitbreken van takken. Naast de pseudoacacia staan een esdoorn en een beuk. De robinia staat aan de zonzijde van de drie bomen en groeit nu boven de andere twee bomen uit, waardoor die nu worden belemmerd in hun groei. Door de robinia te kappen krijgen de esdoorn en de beuk de ruimte om verder uit groeien tot volwassen exemplaren. De ter compensatie te planten nieuwe boom moet als solitair exemplaar geplant worden, zodat die kan uitgroeien tot een toekomstbestendige ‘markante’ boom.

De gemeente geeft de kapvergunning dan ook af op voorwaarde dat binnen een jaar de nieuwe boom geplant wordt op een vrije plek waar hij de ruimte krijgt om uit te groeien tot een grote boom. Als boomsoort wordt de linde genoemd.

De kapvergunning is openbaar gemaakt op 1 april. Tot zes weken nadien kan eventueel bezwaar aangetekend worden.